



| Overview | Ready to be transfered | ||||
|
$0 | ||||
Stuff to buy
cost: $50
cost: $100
cost: $0
cost: $500
Shoes (+1km/s)
Yacht
Dollar Generation: ($1 per investor)
Progress towards Checkpoint Paris
value: $
The Goal
Get your little man back to his home
that is the distant world of cgtopia.
How does it work?
Become the owner of blogposts by planting your flag and buy stuff that will help your little man to get there as fast as possible!
Why do this?
Just so you can have some extra fun while visiting and because everybody who get's there is in for a big surprise
(still... determining what
it will be but it's going to be awesome! )
Your Finances : Flags & Ownership of Blogpost
In your finances you get an overview of all the money that was collected by your flags.
By planting your flag below a cgtopia-post you become one of the 'owners' of that article and are rewarded according to the popularity of that page.
Every person that visits the page leaves 1$ for the owners. So this means that if you are one of the owners you get 1$ for each person that visits the page.
Buying extra investors, speed and other perks
With your budget you can buy extra investors, these investors sponsor your little man while he walks. Everytime the center budget-generation fills up you get the promissed dollars from your investors.
You can also buy more speed for this process to go faster
Buying Coins & Finding Treasures
You can also buy extra coins that your walker can pickup as a bonus on each page. Next to this we've hidden several treasures all over the web on secret pages for you to find.
Hij is dus een man die al lang meedraait in de animatiewereld. Daarom leek hij ons de ideale man om alles in perspectief te plaatsen. In het volgende interview, geeft hij ons zijn mening over 3D.
Het nummer uit de musical Chicago geeft een goed beeld van de huidige hysterische hype rond zogenaamde “3D films”: Het is het nieuwste snufje uit de oneindige serie “revolutionaire” film formats en trucjes die ik in mijn leven heb zien komen en gaan.
Ik ben in 1924 geboren en sindsdien heb ik het luide tromgeroffel meegemaakt voor:
- Talkies; geluidstechnologie dat aan beeld gekoppeld werd, in plaats van de stomme en/of stille film.
- Kleur (Technicolor en later Eastmancolor)
- Stereoscopie (met kartonnen roodblauwe anaglyphbril): De eerste 3D rage duurde enkel twee jaar
- Stereo geluid (geïntroduceerd als “Fantasound”; geluid dat bij de maak van Disney films werd gebruikt)
- CinemaScope (het zogenaamde muur-tot-muur-projectieprincipe dat de breedbeeldgekte inluidde )
- Todd AO (70mm filmstrook)
- Schultzorama(De boven- en onderkant van de klassieke filmstrook elimineren waardoor een niet-bestaande breedbeeld tot stand komt.)
- VistaVision(8-perf horizontale filmprojectie)
- Cinerama
- Smell-O-Vision
- Kinoautomat (bezoekers bepalen verloop van de film)
- IMAX
- Motion Capture (afgekort “MoCap”)
- Digitale Projectie
- Live filmevenementen
- 3D Redux
Elk van deze "geprezen" innovaties hadden nadelen die niet opgemerkt werden:
De huidige “3D” rage misleidt het publiek, omdat er veelal oudere filmstroken in een nieuw jasje gestoken worden door simpelweg het filmkader in enkele vlakken te verdelen wat valse stereo creëert. Ik gebruik aanhalingstekens voor de term “3D” aangezien het duidelijk een verzinsel is. Fotografie dat de illusie van diepte weergeeft werd meer dan 100 jaar geleden populair door het Stereopticon fotokaartje, een gegeven in elke culturele woonkamer. In de tussentijd is het begrip stereo ook door geluidssystemen overgenomen waardoor films terug moesten vallen op de term “3D”.
Maar ga eens precies voor een filmscherm in een bioscoop staan, waar een “3D” film gedraaid wordt en wat valt je op? Waarschijnlijk dat het een plat filmscherm betreft! 3D is namelijk wat we om ons heen zien gebeuren, in het echte leven, dat is als we gezegend zijn met een paar goede ogen. Alles wat je ziet is driedimensionaal. Je kunt objecten zien en deze ook aanraken en dat is het echte 3D, zonder filmschermen! Ga nu terug naar de filmzaal, zet de 3Dbril op en kijk met gedegen afstand naar de stereoscopische film. Kijk naar wat de regisseur en cameraman hopen dat je niet op zal vallen, namelijk dat alleen het centrale gedeelte van het scherm goede ruimtelijke effecten bevat. Als je naar de zijkanten van het filmscherm kijkt, zie je dat de beelden in vervormde stukken zichtbaar zijn, tenzij de cameraman zo slim geweest is om dit te camoufleren. Dit demonstreert meteen een nadeel: gedesoriënteerd bewegende beelden die vermoeide ogen en zelfs duizeligheid tot gevolg kunnen hebben. Waar is het narratieve en cineastische voordeel gebleven als regisseur en cameraman zich tot het centrale deel van het scherm moeten beperken? Zet simpelweg de 3Dbril af en dan zal het je opvallen dat het scherm helderder en duidelijker is, ondanks het irritante dubbelbeeld.
En dit geldt voor al mijn bovengenoemde “triomfantelijke innovaties”; de nadelen zijn nooit benoemd en zelden begrepen.
Toen “Talkies” eind jaren twintig gelanceerd werd, benoemden vele critici het feit dat deze technologie statische scènes creëerde omdat de gebruikte camera’s in geluidsdichte ruimtes geplaatst moesten worden. Het heeft jaren geduurd voordat er weer beweging zichtbaar was in films. Het begrip “film” geeft een indicatie dat er sprake dient te zijn van beweging. Velen dachten zelfs dat pantomime, de kunst van het visueel vertellen van een verhaal, films naar een hoger niveau brachten. Oké. Vandaag de dag ben ik van mening dat de soundtrack een film voor de helft maakt tot wat het is.
Maar heb je ooit de projecteerde als performer beschouwd? Of een dj in een disco die door met de hand te platen te draaien het geluid manipuleert? Het is beeldende vakmanschap! Tijdens de dagen van manueel bestuurde camera’s en projectoren was er daadwerkelijke flexibiliteit in het filmen en projecteren mogelijk, wat uiteraard vandaag de dag een verloren vakmanschap is!
Belangrijker nog is dat bij het maken van stomme en/of stille films het maximale van 35mm filmstrook gebruikt werd, een gegeven dat perfecte beeldkwaliteit van films opleverde, maar dat door de komst van geluid in films afnam. Door het gebruik van geluid in films moest het beeldformaat verkleind worden om ruimte te maken voor de soundtrack, wat voor films een korreliger beeld met krassen en andere imperfecties creëerde doordat het beeld nog altijd vergroot moest worden om in de filmzalen getoond te worden. Maar viel dit op door het overheersende geluid?
KLEUR! Ik herinner de sensatie als de dag van gister, toen het magische moment daar was en in een zwart-wit film de scène soepel overliep naar kleur! De vraag die over kleurenfilms domineerde was hoe lang het zou kunnen bestaan. Bij het originele Technicolor proces werd er gebruik gemaakt van het panchromatische en orthocromatische zwart-wit negatief waar bij elke derde filmkader, door de roterende driekleurfilter, in kleur zichtbaar was. Een zwart-wit negatief kan zonder twijfel kleurenprints van kwaliteit produceren…zolang de nodige materialen voorhanden zijn. Tegenwoordig wordt een film behouden door digitale master beelden.
CinemaScope en het breedbeeld concept. Doordat televisie een bedreiging vormde voor films, was het verbreden van het scherm de gemakkelijkste manier om films interessanter te maken. Het zou moeilijker en bovenal duurder geweest zijn om het filmscherm ook hoger te maken en daarbij kon met CinemaScope het bredere beeld, met dezelfde 35mm filmstrook met behulp van een zogenaamde anamorphic lens, vullen waardoor de korreligheid vergroot werd en zo ook andere artefact die door het dan nog hardere geluid verdoezeld werden. Het klassieke en perfecte filmscherm formaat had vanaf dat moment zijn beste tijd gehad. De TV op zichzelf ondervond problemen met de originele ronde kathode van beeldstralen, wat voor een ongemakkelijke en onaantrekkelijke beeldvorm zorgde, totdat de vierkantrechthoekige platte beeldschermen ontwikkeld werden. Maar vandaag is deze ideale vorm ondergeschikt geworden aan de nieuwe breedbeeldstandaard.
Wat betekende dit voor ons, animatoren? Het duizelde mij toen ik in 1956 de belangrijkste baan uit mijn carrière kreeg: Creatief Directeur van CBS- Terrytoons. De job was inclusief een 20th-Fox lancering van 18 bioscoop tekenfilms per jaar, allemaal in het glorieuze CinemaScope, dat door 20th-Fox werd uitgevonden en dat de format was voor hun tekenfilms. Wauw! Dacht ik, wat ik allemaal wel niet kan doen met deze nieuwe technologie! Ik werd al gauw wakker geschud door de realiteit: 1. De handige animatie hulpmiddel, het draaiende ‘field zoom’, kon zo goed als niet gebruikt worden. 2. Men informeerde mij dat onze korte films ook op de originele televisieformaat uitgezonden moesten worden. Dit betekende dat alle belangrijke bewegingsbeelden beperkt werden tot wat TV veilig bevonden werd. Het resultaat? Alle voordelen van het gebruik van CinemaScope ging verloren! Het was mij gelukt om Juggler of Our Lady van R.O. Blechman te produceren, in de hoop met impact het contrast tussen de kleine, onverzorgde figuren van Bob te creëren op het grote brede scherm, maar door de gemaakte compromissen waar ik rekening mee diende te houden, ging het effect dat ik wilde bewerkstelligen volledig verloren. Dus wat is de meerwaarde van breedbeeld voor animatie? Meerwaarde is er niet enkel beperkingen door het bemoeilijken van goede grafische composities. De originele vorm van het klassieke filmscherm werd geïnspireerd door de meest gebruikelijke vorm van olieverfschilderijen zoals in musea te zien. CinemaScope filmschermen schilderen de menselijke figuren wat een natuurlijk beeld en gebeurtenissen zeldzaam maakt!
De originele bedenkers van IMAX systemen begrepen op z’n minst dat de hoogte van het scherm net zo belangrijk is als de breedte!
Motion Capture en performance capture hebben de vraag van wat animatie nu werkelijk is al doen vervagen.
Al deze voortdurende inventies verbergen het daadwerkelijke doel van films maken, namelijk het vertellen van een verhaal. “Waar gaat het over?” Was de vraag die John Hubley mij leerde stellen.
Dus wat is nu de echte vorm? Wat rest ons nog? Mijn gevoel probeert mij duidelijk te maken dat wij richting een nieuwe waarheid gaan: Er is sprake van maar één categorie en dat is cinema zelf. Elke film bevat één of meerdere elementen van animatie en visuele effecten en elke film heeft één doel: op een boeiende wijze verhalen vertellen. Laat ze dan beoordeeld worden op hun succes in die ene allesomvattende categorie in plaats van de focus te leggen op de technologische totstandkoming van hun productie!
Originele tekst: Gene Deitch, awn.com





























